Isa Bajalia optimistisch ondanks bedreigingen
Maart 2008 - Alfred Muller in Jeruzalem Voorganger Isa Bajalia komt voorlopig niet meer in Ramallah op de Westelijke Jordaanoever. Hij is diverse keren met de dood bedreigd. Maar hij is vol optimisme over de nieuwe deuren die opengaan onder de bedoeïenen in de Negev woestijn. De ouders van Isa Bajalia verlieten in 1951 Ramallah om een beter bestaan te zoeken in de staat Alabama in de VS. Hij kwam tot geloof en studeerde aan een Bijbelschool. "Ik ben weliswaar slechtziend, maar ik heb ook een heel goed geheugen", zegt de 47-jarige Bajalia. Hij gaat geregeld voor in kerkdiensten en hij beschikt over een groot preektalent. De Heer riep hem het leven in de VS achter te laten en te werken in en onder de Palestijnen. In Ramallah opende hij een outreachcentrum, dat nu wordt gebruikt voor lessen Engels en computer, een internetcafé en een distributiecentrum voor kleding. Medisch team De problemen in Ramallah op de Westelijke Jordaanoever begonnen toen een Amerikaans medisch team een week lang gratis hulp gaf. De buitenlandse christenen baden onder handoplegging voor patiënten, nadat deze toestemming hadden gegeven. Daarna verbreidde het gerucht in Ramallah zich dat christenen moslims wilden bekeren. Isa kreeg dreigementen. "Wat Rami overkwam, zullen we ook met jou doen", zei iemand over de mobiele telefoon. Rami Ayyad, verbonden aan het Palestijnse Bijbelgenootschap, werd in oktober vorig jaar in de Gazastrook vermoord omdat hij weigerde zich te bekeren tot de islam. Zelfs toen hij in de VS op verlof was, bleven de dreigementen komen. Hij kreeg ook te horen: "We weten dat je niet kunt zien en we zullen zorgen dat je ook niet meer kunt lopen." Hij deed zijn beklag op het bureau van de Palestijnse politie in Ramallah. Dat leverde echter niets op. De militair vertelde de voorganger dat hij eerst 5000 protectie geld moest geven. Nu doet hij discipelschaptraining voor ex-moslims, die tot geloof zijn gekomen in het noorden van Israël. Hij houdt ook contact met nieuwe gelovigen in Gaza. Volgens hem genieten de christenen in Gaza en op de Westoever slechts een klein beetje vrijheid. Ze staan bloot aan haat. Moslims vertellen bijvoorbeeld andere moslims dat ze met christenen geen zaken moeten doen. Toch zullen zowel moslims als christenen steeds zeggen dat de betrekkingen goed zijn. "Christenen kunnen niets anders zeggen. Er is niemand die hen beschermt."
Open deuren Hij wijst op de kansen. "We zien de Heer aan het werk in het land", zegt hij. "Moslims zijn ontevreden met hun situatie. Ze zijn moe van hun problemen. De ontevredenen zeggen dat ze beter christenen kunnen worden. Ze zien bij christenen liefde en geestelijke vrijheid. De Bijbel zegt: 'Als Jezus je vrij heeft gemaakt, ben je werkelijk vrij'. Ze realiseren zich dat bij hen vrouwen en kinderen niet vrij zijn, dat hun religie onderdrukking creëert en dat ze in een geestelijke gebondenheid verkeren." Een sjeik van de Abu Judah bedoeïenen stam in de Negev heeft hem en een Britse organisatie gevraagd een christelijke school op te richten. Deze school wordt de eerste christelijke school voor bedoeïenen in Israël. Hij hoopt dat de school na de zomervakantie kan beginnen met een kleuterklas. De school zal Engelstalig zijn, want de ouders willen graag dat de kinderen Engels leren. "We kunnen buitenlandse leerkrachten gebruiken die met deze kinderen willen werken", zegt hij."Ik vraag christenen in het buitenland voor deze stam te bidden, dat God hier deuren zal openen. Wij als christenen kunnen niet ontkennen dat er een speciale goddelijke roeping voor de staat Israël bestaat. Tegelijkertijd moeten we het evangelie onder de Arabieren onderwijzen." http://www.middleeastmissions.org Foto's: 1. Voorganger Isa Bajalia: gevraagd een christelijke school op te richten 2. In het dorp Bartaa, dat gedeeltelijk in Israel en gedeeltelijk op de Westelijke Jordaanoever ligt. |