Zweeds Theologisch Instituut breidde ontmoeting uit
Januari 2009 Tekst en foto's door Alfred Muller in Nazareth Na de Tweede Wereldoorlog werkte diacones en verpleegkundige Greta Andrens voor de Zweedse Israël Zending in Wenen. Zij werd daar geconfronteerd met de misdaden die het Nazi-regime de Joden hadden aangedaan. Ze besloot zich in te spannen voor de bestrijding van antisemitisme en antijudaisme. In 1951 kwam zij naar Israël met de visie een instituut op te richten voor theologen en voorgangers. Ze zag kans voor een dollar een riant pand te huren aan de Profetenstraat in Jeruzalem en het Zweeds Theologisch Instituut te openen. Spoedig arriveerden de eerste theologen voor de studie van de Joodse achtergronden van het geloof, het judaïsme, archeologie, Hebreeuws, Aramees en Samaritaans. De Zweedse Lutherse Kerk is de eigenaar van het instituut. In de jaren zeventig en tachtig van de vorige eeuw stelde de toenmalige directeur van het instituut, dr. Goran Larson, dat de ontmoeting met het Judaïsme een levende ontmoeting moest zijn. Joodse sprekers werden uitgenodigd en de Joods-christelijke dialoog kreeg een belangrijke plaats. Met de Palestijnse opstanden die uitbraken in 1987 en 2000 werden de banden met de Palestijnse lutheranen versterkt. Ook werd er aandacht besteed aan het gesprek met moslims. De bedoeling is dat in 2010 een studieprogramma start voor theologen uit Zweden, Duitsland en Nederland over het Jodendom, het Bijbelse erfgoed, de staat Israël, de politieke situatie, de Palestijnse christenen en islam.
Nadruk op de Joodse wortels van het christelijke geloof: een icoon met Simon in de Tempel met een talliet in de kapel van het instituut. Niet iedereen is gelukkig met de weg die het instituut is ingeslagen. Sommigen vinden het te pro-Palestijns geworden. Een Scandinavische bron zegt dat de typisch Zweedse sfeer van vroeger is verdwenen en dat het instituut contacten heeft met Israëliërs van linker zijde die zware kritiek uitoefenen op eigen land en niet met de hoofdstroom. Aan een tafeltje op de patio van het Zweeds Theologisch Instituut zit Dr. Hakan Bengtsson. Anderhalf jaar geleden ruilde hij zijn baan als wetenschapper en lector aan de Universiteit van Uppsala in voor die van directeur van dit instituut. "Je kunt het vergelijken met een fabriek", zegt hij over zijn leven in Israëls hoofdstad. "Vroeger, aan de universiteit, was het alsof ik neerkeek op de fabriek. Nu ben ik er in. Ik moet leren hoe deze machine fijn af te stemmen zodat er een product uitkomt." Zijn de beloften aan Israël vandaag geldig? "Het is duidelijk dat de staat Israël hier is opgericht omdat hier de Joodse geschiedenis ligt. Maar het is belangrijk te realiseren dat als je de Schrift interpreteert, je keuzes maakt. Als je de teksten uit Deuteronomium neemt die spreken over de erfenis van het land en de zegen die Israël daar krijgt, krijg je een heel andere theologie dan wanneer je de nadruk legt op de voorwaarden voor de aanwezigheid in het land, met het ethisch gedrag aangaande recht en behandeling van de vreemdeling."
Hakan Bengtsson: ..... mensen als uitgangspunt nemen... Ziet u dit veel gebeuren dat mensen ofwel alleen het land dan wel het recht benadrukken? "Ja. Ik zou zeggen: het is menselijk. De Joodse, christelijke en moslim tradities hebben dit duizenden jaren gedaan. Ze nemen een tekst en zeggen: 'Dit is wat God zegt en we moeten overeenkomstig handelen.' Maar zij die een stapje verder komen zijn zich ervan bewust dat iets ook op een andere manier geïnterpreteerd kan worden. Ze hoeven het daar niet mee eens te zijn. Toen ik hier met Goran Larsson studeerde, zag ik dat het pluralisme niet een vloek maar een zegen was. Het betekent dat je zelf een standpunt in moet nemen en dat je naar andere standpunten moet kunnen luisteren. Maar als christen, theoloog en directeur moet je wel kunnen evalueren wat anderen zeggen." Wat beschouwt u zelf als een gezonde theologische houding? "Nu ben ik provocerend. Ik zou de waarde van menselijke wezens als uitgangspunt willen nemen. Mensen die zich toewijden aan God, hun Schriften en families hebben en hun kinderen naar school sturen. Of ze nu Jood, christen of moslim zijn. Ik probeer te zien welke tradities, teksten, interpretaties en theologieën er in de drie tradities gebruikt worden die mensen in staat stellen een goed leven te leiden. Dit betekent dat extreme theologie hier een dodelijk gevaar is. Want dan zie je de rechten van mensen om hier te wonen over het hoofd. Ik praat niet over mensenrechten. Dat is een overeenkomst en dat is niet absoluut. Absoluut is wel het menselijk bestaan, met de noden die het met zich meebrengt." |